Voorwoord
Uw pensioenfonds staat er goed voor!
In 2025 werd het intense maatschappelijke debat over het al dan niet moeten overgaan naar het nieuwe pensioenstelsel voortgezet. Aan het parlementaire besluit over het nieuwe stelsel ging ruim 10 jaar discussie vooraf. Inmiddels heeft een aantal zeer grote fondsen, met in totaal meer dan 10 miljoen deelnemers, de overstap gemaakt. De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) hanteren strikte maatstaven en toetsen of de besluitvorming van fondsen die overgaan op de nieuwe regeling voldoet aan alle eisen. Dat is een geruststelling voor iedereen.
In het afgelopen jaar hebben wij volop verder gewerkt aan de overgang naar het nieuwe stelsel. Het uitgangspunt was het door de Sociale Partners overeengekomen Transitieplan. We hebben de opdracht van de Sociale Partners aanvaard. We werkten constructief en intensief samen met de werkgever, de vakbonden, onze adviseurs en uitvoerders (Sprenkels, TKP en Aegon Asset Management), het Verantwoordingsorgaan en de Gepensioneerden Vereniging KPN. Op 16 oktober 2025 stuurden wij het invaarbesluit naar DNB voor toetsing. Na goedkeuring door DNB kunnen we het definitieve besluit nemen om over te gaan naar de nieuwe pensioenregeling. Onze planning is nog steeds om dat op 1 oktober 2026 te doen. Dit blijft echter uitdagend en spannend. We vertrouwen op een voorspoedige afhandeling van dit traject met DNB. Namens het bestuur wil ik mijn waardering en complimenten overbrengen aan alle betrokkenen.
We eindigden 2025 met een beleidsdekkingsgraad van 129,6% (2024: 126,8%). De actuele dekkingsgraad bedroeg 131,9% (2024: 126,1%). De dekkingsgraad steeg met name door de oplopende rentestand, waardoor de pensioenverplichtingen lager uitvielen. Met deze dekkingsgraad kunnen we bij het invaren in het nieuwe pensioenstelsel veel wensen realiseren. Ook waren we in staat om per 1 januari 2026 een toeslag toe te kennen van 3,02% (2024: 2,09%) voor de actieve deelnemers en van 3,05% (2024: 2,17%) voor de gepensioneerden.
Op de internationale beurzen bleef het in 2025 onrustig door aanhoudende geopolitieke spanningen. Ook nu nemen de spanningen weer toe. Sinds kort wordt bovendien ook in beleggingskringen discussie gevoerd over AI- en Big Tech-aandelen. Ons fonds belegt inmiddels in ruim vijfentwintighonderd verschillende aandelen en obligaties op diverse effectenbeurzen en we evalueren onze portefeuilles voortdurend.
De aanvullingen op de bescherming van de dekkingsgraad noodzaken tot wat meer toelichting op het uiteindelijke beleggingsrendement van het fonds over 2025. Het behaalde totaalrendement is opgebouwd uit een resultaat op de beleggingen en een resultaat uit de dekkingsgraadbescherming. Het resultaat van de dekkingsgraadbescherming was met -7,9% op het vermogen sterk negatief als gevolg van de gestegen rente op de kapitaalmarkten. Dit leidt echter ook tot een daling van de waarde van de pensioenverplichtingen. Per saldo blijft de dekkingsgraad daarmee gelijk en is de hoogte van de pensioenen beschermd. Anderzijds is er een positief rendement uit beleggingen van 1,9%. Het totale rendement komt over 2025 uit op -3,2%.
We hebben verdere stappen gezet in onze impactbeleggingen. Dat zijn beleggingen die nadrukkelijk tot doel hebben activiteiten in duurzaamheid te stimuleren. Zo investeerden we extra in het ASR Dutch Science Park, vanwege de positieve impact op de Nederlandse kenniseconomie. De bedrijven daarin werken in lijn met de UN Duurzame Ontwikkelingsdoelen aan strategische thema’s als klimaat, biodiversiteit, duurzame technologie en duurzame consumptie & productie. Ons streven is om rond eind 2026 een allocatie van 5% naar impactbeleggingen te realiseren. Dit doen we ook omdat we verwachten dat hierin goede rendementen te behalen zijn.
Een actuele discussie gaat over de vraag in hoeverre we onze huidige financiële positie moeten veiligstellen met het oog op de overgang naar de nieuwe pensioenregeling. Dat kan door ons in te dekken tegen risico's op het gebied van rente, beurskoersen en valuta. We zien dat pensioenfondsen die al zijn overgegaan, dit ook hebben gedaan. Het afdekken van risico's kost geld en beperkt de kansen op verdere verbetering van de financiële positie. De keerzijde is dat zonder bescherming er straks minder te verdelen is als het tegenzit. Wij hebben begin 2026 besloten om de risico’s in onze portefeuille tot aan het moment van invaren verder af te dekken. Dat doen we met een combinatie van financiële instrumenten, waarbij we uiteraard rekening houden met kosten en flexibiliteit.
Tegelijk met alle verandertrajecten lag onze focus natuurlijk ook op de reguliere activiteiten van het pensioenfonds. Eind 2025 hadden we 71.336 deelnemers, waarvan 25.498 met een ingegaan pensioen. In het algemeen zijn de reguliere activiteiten, ondanks de druk op de uitvoeringsorganisaties, goed verlopen. Een belangrijke graadmeter daarbij is het aantal formele klachten, waarover elders in dit jaarverslag wordt gerapporteerd. Het aantal formele klachten kwam uit op 440 (2024: 495), het aantal geëscaleerde klachten kwam op 20 uit (2024: 47).
Minder positief is dat er twijfel is gerezen over de uitvoering van onze regeling voor een groep deelnemers uit de periode van de overgang van het staatsbedrijf PTT naar de private onderneming KPN in 1989. Omroep Max heeft daarover een procedure tegen ons pensioenfonds gestart. De rechter heeft recent uitspraak gedaan en ons in het gelijk gesteld. Wij zullen de pensioenregeling onveranderd zorgvuldig blijven uitvoeren.
We namen in het bestuur afscheid van Edith Snoeij (na 12 jaar), Caspar Vlaar (na 10 jaar) en Jeroen Burcksen (na ruim 11 jaar). Wij zijn hen buitengewoon dankbaar voor hun voortdurende bezieling, kennis en inbreng. Edith Snoeij en Jeroen Burcksen zullen ons nog enige tijd ondersteunen bij de transitie naar het nieuwe stelsel. Tegelijk wensen wij onze nieuwe bestuursleden Daan de Zwart en Erick Noorloos heel veel succes en plezier in hun nieuwe bestuursfunctie. Datzelfde geldt ook voor onze stagiair namens PensioenLab, Job Groen.
Kort na de publicatie van dit jaarverslag is het ook voor mij, na een periode van 12 jaar, tijd om afscheid te nemen. Ik zal de voorzittershamer op 1 juli 2026 overdragen aan mijn opvolger. De nieuwe voorzitter zal het pensioenfonds als onafhankelijk voorzitter besturen, samen met een goed geëquipeerd bestuur. Ik wens de nieuwe voorzitter daarbij veel succes toe. En u als deelnemer of gepensioneerde wens ik een goede toekomst toe bij het allermooiste pensioenfonds van Nederland!
Amersfoort, 30 april 2026
Peter van Gameren
Voorzitter Pensioenfonds KPN